donderdag 7 september 2017

Onderbouwing, fundering, chassis. En leuk, vooral leuk.

Ik ben een mens van rede en ratio.  Ik doe aan feiten. In mijn werk is geen plaats voor geloof of vermoeden. Bewijs, harde argumenten, aangetoonde grenzen. Geen gelul, wetenschap.
Op meerdere fronten evenwel verliest de cognitie het de laatste tijd echter van perceptie. Niet wat je weet, maar hoe het voelt wordt ineens relevant. Daar heb ik eigenlijk een broertje dood aan, ik was wel tevreden met mijn gelijkhebberige wereld vol harde grenzen. 

Nu zijn er meer dan genoeg zweverige onzin-dingen over om gezellig tegen te fulmineren. Irsicopie, aura's en chackra's lezen, astrologie en veganisme om eens wat te noemen - breek me de bek niet open. Klankschaaltherapie, dry needling, meridiaanbanen en hypnotherapie: de Vereniging tegen Kwakzalverij en Skepsis hebben in mij een dikke fan.

Onderscheid maken in de vele meningen over een specifieke whisky - de schreeuwers en de mopperaars uit de vergelijking flikkeren en een redelijke middenmoot overhouden - is geen eenvoudige taak. Whiskybase helpt - een beetje. Wanneer ik echter mijn eigen scoresysteem tegen het licht houd, bekruipt mij een gevoel van lichte wanhoop. Ik scoor mijn whisky's tussen, laten we zeggen, 60 en 100. Jack Daniëls Old No. 7 kreeg overigens 50. Vanzelfsprekend heb ik geen 100 in mijn kast. 

Ik kijk bij nieuwe beoordelingen terug. Waar past deze whisky bij? Doet 'ie me ergens aan denken? Wat heeft die voorgeschiedenis voor punt gekregen? Is deze beter of slechter - voor zover ik me herinner?  Het is, kortom, een zootje. Om het nog wat lastiger te maken, blijk ik van mening te veranderen over de whisky's uit het verleden. De 15yo Dalwhinnie en de 10 yo Glenmorangie blijken na drie jaar een stuk beter dan ik ze de eerste keer beoordeelde. Omdat ik toen smaaktechnisch beperkt was, zogezegd.

Zojuist heb ik een 13yo Craigellachie Speyside SM (46%) geopend.  Stond al anderhalf jaar in de kast. Kost 50 euro, gekocht voor 40 - in de Gall aanbieding, dat is altijd mooi.
Wat een fijne, lekkere en zachte dram. Geurt naar banaan, mandarijn en vanille. In de smaak meloen, beetje peertje, dikke honing met pietsie ananas. Afdronk met amandel. Niet droog, met enige fantasie beetje peperig; geen peat. Fruitmandje peper, kortom. 

Waar blijft nou het zweverig gelul? Nou, hier dus. Ik was deze week, tegen beter weten in, bij een manueel therapeut. Beter bekend als een kraker. Ik heb al jaren last van schouderklachten - het zal jullie verder worst wezen. Waar ik naar toe wil: er is geen enkel goed doortimmerd bewijs voor de meerwaarde van manuele therapie. Er is overigens ook nauwelijks bewijs voor de meerwaarde van fysiotherapie, zegt de wetenschap - maar dat terzijde. Elke vorm van beweging is goed voor een mens, zegt de wetenschap. Afzonderlijke scholen dragen niet bij aan betere zorg. Zegt de wetenschap.

Ik kwam bij een jongedame. Niet al te groot, verontrustend jong, kleine handen. Er volgde een korte kennismaking. Daarna zette ze me op een tafel. Liep erom heen. Drukte een duim net naast mijn wervelkolom. Alsof Spock zelf aan het werk ging. Néér ging ik. 

Soms spreken daden duidelijker dan woorden. Ik ben fan van wetenschap. Ik wil graag goed gemotiveerde behandelingen met een stevige fundering van onderzoek en bewijs.

Maar soms, fuck it. Mijn vijftig jaar oude wervelkolom voelt na een paar behandelingen soepeler aan dan enig moment in de afgelopen jaren. Af en toe doet het nog wel hartstikke zeer. Ik ben dan ook nog sceptisch; eerst maar eens zien of het effect blijft. 

En nou maar weer terug naar whisky. De scepsis neemt toe; mijn benadering was wellicht toch niet zo héél wetenschappelijk. Inmiddels 121 flessen in Whisky Base, 50 samples klaar voor beoordeling en nog een fles of 30 dicht; de naïeve beoordelingen van een tijdje geleden zijn voorbij. Ik gaf hoge punten in verhouding tot de anderen. Vanaf nu alleen nog maar harde feiten, wetenschap, beoordelingen volgens de review options van whisky base. (NOT).

Maar soms, fuck it. De Criagellachie 13 is een goddelijk drankje, soepel en zacht, met verrassend veel aroma's en diepgang voor zijn prijs - het moet gezegd, de afdronk is niet zo lang en vooral wat scherp en apfelkornerig. Daar win je geen oorlogen mee. Maar, voor vier tientjes de 700 milliliter: topwhisky. Als je mensen kennis wil laten maken met zachte zoete Scotch voor weinig geld, ga dan naar Schramowski en koop een fles Dalwhinnie 15 voor 27 euro, een fles Glenmorangie 10 voor hetzelfde geld, wacht op een aanbieding van Gall voor de Craigellachie. 

Sleep met deze opstelling wat nieuwe slachtoffers de wereld van de whisky en de vage liefde voor gebrekkige omschrijvingen en wispelturige smaaknotities in. Weinig wetenschap maar fucking lekker. En leuk. Vooral leuk. Zegt geen wetenschap. Fuck it.

 

donderdag 6 juli 2017

Werelden gaan open

Zo ga je naar een BYOB en van de ene dag op de andere zit je in de wereld van schimmige deals op lege parkeerplaatsen, waar je plastic tasjes vol pispotjes met sterke drank uitwisselt (met ene Wally van der Laan) - 's ochtends om zeven uur. Degene die de handel van je overneemt (ene Fabian van Diest) geeft je terloops een sample van een whisky die nog niet te krijgen is hier - zomaar. Op Facebook gaat er iemand (ene Stefan Barendregt) naar Oostenrijk die flessen drank mee wil nemen voor je. Weer een andere Facebookgroep houdt (ene Martin Stavleu) rekening met je vakantieplanning bij het agenderen van een BYOB in Gouda. Iemand die je niet kent (ene Marc ten Dolle) maar die wel naar een whiskyfestival gaat brengt een festivalbotteling voor je mee. 

Soms komt de verrassing uit onverwachte hoek. Op mijn werk, pratend met een collega over whisky met peat, mengt een andere collega, volstrekt geen whisky-ingewijde mafketel maar een gewoon verstandig mens, zich in het gesprek. Ik heb nog een whisky die op pórt vaten gerijpt heeft, ken je dat? Ja hoor, dat kende ik wel. Die heb ik een jaar of wat geleden bij mijn bul gekocht, voor 70 euro of zo. Good for you, girl. Fijne verjaardag en zo. 
Het blijkt, na enig doorvragen, te gaan om de inmiddels tegen de 200 euro aan kostende 21-yo Balvenie Port Wood Finish te gaan. De whisky die ik al wil proeven sinds ik weet dat er zoiets als portwood finish bestaat. Kirsten, de betreffende collega, vroeg mij of de whisky nu nog wel goed was. Helaas was ze veel te pienter om mijn antwoord te geloven. 
De kurk bleek kapot en ik had nog wel een Balvenie kurk, dus dat was vlot geregeld. Als tegenprestatie heb ik nu een sample van zo'n 100 milliliter, waar ik dolblij mee ben. En die geweldig ruikt. En die er op een goed moment aan gaat geloven. Ik hoop alleen dat ik er meer dan één keer mee doe; ben bang dat het zó lekker is dat de sample de avond niet overleeft. Ruiken doet het spul in ieder geval hemels. Heb ik al gezegd dat de geur geweldig is?

Terzake nu. Er moet het één en ander besproken worden. 

De Deveron 12 yo Highland SM (40%), kost plm 30 euro, is nu eindelijk op. Ik weet nog steeds niet wat ik ervan moet vinden, dus over een jaartje of twee, drie moest ik 'm nog maar eens kopen. Indifferent de ene keer, subtiel en verfijnd de andere keer. Het feit dat ik er nu al voor de tweede keer iets van wil vinden in mijn blog betekent dat ik er nog niet klaar mee ben.

Jameson Cask Mates Irish Whiskey (40%), NAS, 23 euro, op biervaten ("Craft Beer Barrels") gerijpt. Geen geld. Reuk maar matig - op zijn best. Beetje muf kelderluchtje en - ja hoor - verschaald bier. Smaakt evenwel meer dan prima (en niet alleen voor zijn geld), de vieze oude kroeglucht drinkt niet door in de smaak. En je dat was een woordspeling en zeker geen tiepvout. 

Springbank 10yo Campbeltown (46%) SM voor 35 euro in Innsbruck aangeschaft. Gelukkig nog niet leeg. Lyrische tasting notes. Geur van lentegras en peat, mandarijn en schil in de smaak, geweldig lekker, met chocolade helemaal super. Kruidig, subtiele peat in de smaak - Campbeltown of niet. Citrus na de rook. Karamel. Sterke associaties met Longrow peated, een topper uit mijn collectie. 

Ik weet niet of ik al eerder heb gejuicht over de Teeling Small Batch (NAS) Rum Cask Finish Irish Whiskey (46%) die ik voor de somma van 19 euro en 35 cent kocht in Massen, Luxemburg.  De kruidig-zoet ruikende Ierse blend smaakt scherp-peperig naar zachte Zwitserse kruidenbonbons en thee. Vinnig, pittig, fris - mojito is er niks bij. Doen, deze. Niet lullen - kopen. Voor 20-25 euro onvoorstelbaar veel waar voor je geld.

Over geweldige Ieren gesproken - ik weet al waar ik volgend jaar op vakantie ga met mijn camper - de West Cork 12yo SM Irish Whiskey, port cask finish, is een juweeltje. Op 43% gebottelde parfum, aromatische en subtiele, ernstig ondergewaardeerde superwhiskey. Kopen, dat spul, voor 37 euro 50 maar liefst. 

Vooruit. Nu ga ik maar eens een paar weekjes op vakantie. Es kijken of ze in zuidoost-Europa nog stoffige winkeltjes met drams uit de jaren zestig voor een euro of twaalf hebben. Wens me maar succes.




zondag 18 juni 2017

BYOB, No II, Landgraaf, 16 juni 2017

Landgraaf. Downtown Landgraaf. De tweede bijeenkomst van de Whisky-Vrienden Zuid Limburg. Ik mocht erbij zijn. Bij de Griek de oprit in en dan bij het Alfa bord rechtsaf, het kan niet missen. En dat was ook zo.

Nou zat het niet mee. De legendarische Kay uit Eys, tweede van de Proef-Olympics van vorig jaar (en het jaar ervoor) en nu koploper, kon zijn opwachting niet maken. Later meer hierover.
Het was dan ook een treurend gezelschap dat ik aantrof in de topsport-accommodatie van de lokale Petanque (ook wel jeu-des-boules genoemd) vereniging. Het enige dat aan deze Arena voor Mannen met Stalen Ballen ontbrak, was een open dak.

Maar goed. Een man of twintig en een vrouw of één, de mijne om precies te zijn, hadden zich de moeite getroost om de verbijsterende hoeveelheid obstakels die de diverse wegenbouwers in deze regio opgeworpen hebben, te omzeilen.  Onder hen internethelden in den vleze; eindelijk kon ik de hand schudden van Mike Gerards, Stefan Barendregt en Fabian van Diest, allen zeer verdienstelijke strijders in de lopende Proef-Olympics. Ik moest Mike eigenlijk nog vragen waar dat "Loki" voor stond. Vergeten. Wally van de Laan, nog bedankt voor de kortingsbonnetjes, bleek in het echt net zo aardig als online al doorschemerde. Herman Gerards, pa van Mike, de man die voor de locatie gezorgd had. Goeie peer. Daarnaast natuurlijk nog een boel mensen wiens namen ik niet allemaal onthouden heb. Belangrijkste gemene deler evenwel was de hartelijke en verwelkomende sfeer. Allen dank daarvoor.

Het kleine barretje van voornoemde vereniging was gezellig vol. Het aanbod aan versnaperingen was ruim en gevarieerd, en dan moet ik het nog over de whisky's gaan hebben. Chocolade - puur zowel als melk, ik heb ook nog een ruimschoots van noten voorzien exemplaar voorbij zien komen. Worst, kaas en mijn favoriet, zwart brood, dik belegd met plakken hoofdkaas, ook bekend als zure zult. Ik moet zeggen dat ik daar met gezonde gretigheid van  genoten heb.

Die Proef-Olympics vormden een beetje de rode draad van de avond. Episode 17, de voorlaatste challenge, moest vóór 22 uur die avond ingediend worden. Er werd overlegd en gedebatteerd. Percentages werden aangepast, leeftijdschattingen herzien. Netto resultaat is dat er van de 85 deelnemers 6 Limburgers zijn die allemaal hoger dan de 35e plaats staan. Ik ben volstrekt geen chauvinist; het betekent in ieder geval wel dat er in deze provincie mensen wonen met verstand van whisky. Inmiddels heeft Kay de Proef-Olympics gewonnen. Gefeliciteerd.

Enfin. Terug naar de kern van de zaak; de whisky. Ik ben, zoals gebruikelijk, braaf met mijn schrijfblokje en mijn boekjes aan de bar gaan zitten om mij plichtbewust van mijn taak te kwijten. In totaal 14 keer. Steeds een nipje, grondig ruiken en proeven, om me heen luisteren en aantekeningetje maken. Er was keuze zat. Opgemerkt moet worden dat er veel voor de hand liggende flessen ontbraken. Geen Talisker, geen Glendronach, geen Glenmorangie - tot mijn verdriet, zie eerder blog. Geen Amerikaanse of Ierse whiskey. Stilletjes in een hoekje stonden zich twee blends een beetje te schamen. Eén grain.  Eén Japanner, blend. Veel independents. Geen Amruth, geen Kavalan, respectievelijk India en Taiwan.

Een klein verzoek aan de lezers. Mocht je je fles herkennen en de Whisky Base locatie ervan kennen, zou je die dan in de comments onder het blog willen plaatsen? Eeuwige dank is uw beloning. 

Ik zal er eens even doorheen jassen. 

Spijkerhard, even niet op het percentage gelet, kwam de Auchroisk 9yo Speyside SM (63,1%) binnen. Niet de beste keus om mee te beginnen. Stroperig-zoete melasse, wat ik vaak vind van echt hoge ABV's. Later geur van gras, rijk en vol aroma met duidelijk banaan. Het is sherry cask finish maar de sherry proef je vooral omdat je dat weet en niet nadrukkelijk. Wat weer verklaard kan worden door de sherry refill casks die gebruikt zijn. Zware jongen, niks mis mee. Kostprijs niet kunnen vinden. 

De 18yo Stronachie Highland SM (46%) is kortweg een topper - volgens de kenners een Benrinnes - voor 55 euro. Citrus en kokos, lichtvoetig, heel zacht houtaroma. Die wil ik wel. 

In mijn kast staat al een poos een dichte fles van Clan Denny, de Strathclyde 9yo Lowlands Single Grain (56,1%). Sherry Cask. Ik dus bijzonder blij met de open fles in Landgraaf; je eigen whisky proeven zonder 'm open te maken, wie wil dat nou niet? De geur van as en maggi (dat is, naast dat bruine spul op tafel voor in de soep, een kruid). Siroopzoete smaak met tropisch fruit, Karvan Cevitam. Lange, wat droge afdronk. 62 euro 50.

Springbank, 12yo Campbelltown SM (54,2%) heeft wat peat in de geur en  kruidig-hartige smaak. Smaakt prima, met kersen en subtiel en fijn  peatje erin. Pepertje, lange afdronk; prima. 2017 versie kost 85 euro. 

Tormore 16yo Speyside SM (48%) zoet, wat goedkope snoepjes in de geur. Vrolijk maar beetje dun - op 48%, opmerkelijk. Niet heel bijzonder. Spuug 'm ook weer niet uit. 50 euro.

Inchmurrin 18yo Highland SM (46%) - Loch Lomond distillery. Zeer bleke whisky, ook hier wat kaas - in de eerste smaak zelfs, niet zozeer in de geur.  Vieze Franse kaas in de geur en eerste smaak - waar ik sinds de Glengarioch Founders Reserve een hartgrondige hekel aan heb. En daar zat het voeten/kaas aroma alleen in de geur. De smaak verbetert wel, is fijn en subtiel en niet schreeuwerig zoet - maar die geur, nee. En dan 95 euro, als ik tenminste de goede gevonden heb.
Afbeeldingsresultaat voor nikka taketsuru
Japan. Nikka. Uit de Yoichi en de Miyagikyo Destilleerderij komt het submerk Taketsura.  Er komen maar drie flessen uit in deze serie. De 17yo kost 300, de 21yo kost 500 euro. De bescheiden NAS (43%) die op de BYOB stond, koop je voor nog geen vijf tientjes op Drankdozijn of bij Gall - maar daar is 'ie niet op voorraad. 
De geur is die van een klassieke malt, de eerste smaak wat vlak - maar ik schrijf dit blog in de volgorde van proeven en er is al wat geweld op mijn smaakpapillen losgelaten. Even wat water, even wat eten. Daarna nog maar eens. Een wereld van subtiele kleine smaken, aroma's en associaties. Kleine, subtiele en verfijnde whisky die beter verdient dan even tussendoor op een BYOB. Ik ga 'm kopen - wel twee stuks. Volgens mij, NAS of niet, kost deze binnenkort heel wat meer dan 50 euro. Winnaar van de avond.

Benriach, 16yo, Speyside SM (43%). Herkenbaar - ik had de 15yo Tawny Port thuis. Deze is minder bitter, zacht zoet en gemakkelijk. Het hout zit er wellicht iets té nadrukkelijk in, alsof iemand een doosje satéstokjes erin vermalen heeft. Slecht noch bijzonder. 47,50 euro. 

Nog één zoethoudertje dan. Connaiseur's Choice (Gordon & McPhail) brengt ons Strathmill 14yo Speyside SM (46%). Zoet, toegankelijk, licht en fris, hint kokos.

Zo. Nu ben ik even klaar met al die zoete troep. Het begint op een likeuravond te lijken. Het wordt tijd voor mannendrank. 

De hele avond had ik al met een scheef oog naar de Highland Park Valkyrie (NAS, Orkney, 45,9%) zitten kijken. Iets meer dan een jaar geleden kocht ik de 12yo, vastbesloten om de marketing hype te fileren. Dat lukte allerminst. De 12yo HP is geweldige whisky, waar ik met lichte ergernis een juichende recensie over schreef. Dus toch geen hype, gewoon goed spul.
De Valkyrie, met zijn  65 euro dubbel zo duur, moet dan ook dubbel zo goed zijn, toch? 
Nou mag ik. Wat een flauw, weinig interessant, lafzoet drankje. Niks Viking, dit is whisky waar hooguit Gerard Joling een beetje van in zijn broek moet plassen. Eigenlijk gewoon een Speyside, en dan nog niet zo'n beste. De enige peat die ik kon vinden stond op het etiket. Als je oninteressant opzoekt in het woordenboek, staat er een foto  van de Valkyrie bij. De prijs-kwaliteit verhouding is om te janken. Ik durf haast niet te denken aan hoe dat zit bij de Thornfinn, de Ragnald (Warrior Series) en de Ice Editions. De Thorfinn is 1150 euro. VOOR EEN NAS!

Het trendy aanbod van HP op dit moment, waarbij de NAS whisky's de fatsoenlijk gerijpte flessen aan alle kanten overspoelen, met heftige namen, bijgeleverde Drakkar-verpakkingen en spaarzegels voor een echte Noormannen-bijl zal mijn inziens op termijn door de mand vallen. De inzet van HP is verzamelaars en beleggers gek maken en veel laten betalen. Het lukt ze heel behoorlijk.
Héhé, dat lucht op.

Okee. "Peated Highland" bracht ons de 'over 9 years'  Single Cask Exclusive, gemarkeerd AM007. De AM staat volgens de kenners voor Ardmore. Lekker! Fraai peatje, zoals ik het graag heb - geen hap kampvuur maar balans. Subtiel en zachtzoete afdronk, voor 40 euro een koopje.

We gaan door met Laphroaig PX Cask NAS (48%). Mijn 'gewone' Laphroaigh is bijna leeg; deze wordt de opvolger. Stevige rook. Natte grond, omgespitte tuin in de geur. Ik proef - heus waar - mosselen. Dat zal dan in technische taal wel een ziltje heten. Balans. Ik dacht hier dat ik mijn volgende fles stevig gepeate whisky had gevonden.

Dat was evenwel vóór ik de Ardberg 10yo Islay SM (46%) in mijn glas aantrof. Weinig woorden aan vuil maken. Mijn eerste Ardberg, ik had er naar uitgekeken, veel goeds over gehoord en gelezen. En térécht. Whisky Of The Year 2008. Superieur. Kopen. Klaar. Men adviseerde mij sterk om de Corryvreckan aan te schaffen - ik zal zien wat ik kan doen.

Revanche van Highland Park zat er ook nog in het vat. Uit The Ultimate Collection, van van Wees, komt de 14yo HP 1999 (46%) Orkney SM - Cask 800167 bottle 197/262 om precies te zijn. 69 euro, nog te koop hier en daar. Niks - maar dan ook helemaal niks - mis mee. Kersen en citrus, fris maar niet zoet, mooi borreltje. 

Nou was het wel zo'n beetje klaar met serieus proeven - het was alleen nog maar gezellig. De mannen om mij heen konden de door mij meegebrachte 12yo Aberlour niet waarderen - er is geen druppel van gedronken. De Madeira Cask Penderyn uit Wales heeft wel wat voorzichtige belangstelling gehad - maar meer dan een beetje flirten was het niet. De sloerie van mijn meegebrachte drietal was, het zal u verbazen, de 17yo Ballantines Blended Sotch. Ik weet al drie jaar dat 'ie lekker is. Jim Murray weet al sinds 2011, toen hij 'm Whisky Of The Year maakte, dat 'ie lekker is. De aanwezige leden van de Whisky Vrienden Zuid Limburg weten nu ook dat er met deze blend helemaal níets mis is. 

Met dank aan Fabian: de whisky-base nummers van de genoemde drams.

Stronachie 46611
Auchroisk 74100 
Springbank 92131
Tormore 90672
Inchmurrin 38667 
Taketsuru 78333
Strathmill 56128
HP Valkyrie 94486
AM007 90450
Laphroaig 74476
HP 14YO vW 60645















woensdag 29 maart 2017

Glenmorangie


Afbeeldingsresultaat voor lasanta quinta ruban

Lasanta versus Quinta Ruban. Het klinkt als een kinky moddergevecht tussen twee midden-Amerikaanse dames van twijfelachtig allooi. Het zijn echter, zoals de lezer dezes vast wel weet, twee Glenmorangies. Beide een klein maatje extra; Lady La is 43%, Suzie Q is 46% sterk. Voor de Lasanta 10 jaar Bourbon Cask en 2 jaar Oloroso; Quinta Ruban heeft (uiteindelijk) gerijpt op portvaten - is NAS dus, non-age-specific.


Glenmorangie Lasanta 12 jaar oud, is strakke, rechttoe-rechtaan pittig-zoete whisky. Sherry cask matured.  Hij ruikt, opmerkelijk genoeg, naar port. De whisky is zachtfluwelig in de mond, met 43% niet scherp en heeft krachtige toenemende sherry-aroma's in de afdronk. Een latere notitie spreekt van citrus met een wat vaag wrange afdronk, die steeds beter wordt. Gek genoeg zet ik er ook bij dat ik het géén echte topwhisky vind. Blijkbaar toch wat vlak. 

De Glenmorangie Quinta Ruban is romig met veel sinaasappel in het aroma. De QR is rijk, zonder een overdreven portsmaakje, met wel een lichte tanine in de afdronk. In diezelfde afdronk zit meer port dan in de body - die had net zo goed sherry-matured kunnen zijn. Als u begrijpt wat ik bedoel. Mijn tasting notes hebben het over langzaam en duidelijk toenemende zwarte vruchten en marsepein.

Nieuwsgierig geworden naar de accuratesse van mijn eerste notes, zo'n vier jaar oud, heb ik een nieuwe fles "gewone" Glenmorangie 10yo gekocht. Toendertijd, vier jaar geleden, vond ik de standaard 10yo wat karakterarm, zoet en non-offensive - lees eenvoudig en weinig spannend. Voor 27 euro, hier net over de grens, kun je je daar nog steeds geen buil aan vallen. Dus ik kocht hem nog maar eens. Hij past wonderwel in wat inmiddels een best geil triootje geworden is; Lasanta, Quinta Ruban en 10yo.  Over die 10yo schrijf ik dit jaar dat het een zachtzoete, toegankelijke, frisse en eenvoudige maar voortreffelijke single malt is. Die ik, om te testen, ook een keertje ná de Quinta Ruban dronk - en die daar prima bij overeind bleef.

Bij een proeverij, ook al weer drie jaar geleden, kreeg ik een glas van de Sauternes Cask Matured Glenmorangie. Sauternes, zoals u weet, is zoete Franse dessertwijn uit de streek zuidoostelijk van Bordeaux. Witte wijndruiven van diverse rassen met als gezamenlijke kenmerk dat ze zijn aangetast door een schimmelinfectie: Botrytis cinerea. Net als bij antibiotica en Sinterklaas blijkt dat geschimmel een zegen in vermomming; de "noble rot" , zoals deze bezwamming van dure druiven genoemd wordt, zorgt voor torenhoge suikergehaltes en dus mierzoete dessertwijn. Door de schimmel krijg je een soort verdroging, de druiven veranderen in feite aan de stok al in rozijnen. De vaten waarin deze wijn gerijpt heeft - vanzelfsprekend eikenhout - worden door veel distillery managers gebruikt om whisky op af te rijpen. Ze verblijven dan, na een aantal jaren op American oak bourbon barrels te hebben gerijpt, gedurende een periode van 6 maanden tot twee jaar in Sauternes vaten. Dit leidt dan weer, weinig verrassend, tot de aanduiding Sauternes Cask Finished op de fles. 

De laatste Glenmorangie van dit blogje is dan ook die Glenmorangie Nectar d'Or - gerijpt op  die bewuste Sauternes vaten. Mijn aantekeningen zijn die van een groentje; er staat weinig in behalve "Zoet, erg zoet. Misschien iets té zoet naar mijn smaak".

Ik ga dan ook binnenkort die Glenmorangie Nectar d'Or maar eens aanschaffen. De drie flessen van verschillende origine die ik hierboven beschreven heb, geven alle reden om aan te nemen dat ik onbezorgd kan zijn over de kwaliteit van de Nectar. Ik neem aan dat de duurdere flessen in de range, zoals de Bacalta (madeira cask), de 18yo, de Dornoch, Signet, de Tayne, de Milsean, Tarlogan en Tusall en tenslotte de 25yo (hoezo, keuze?) vast minstens net zo goed zijn. Glenmorangie heeft in mij in ieder geval een fan erbij weten te scoren. Van de hele collectie zijn alleen de Signet, de 25yo (ja? gek hé!) de Tusall en de Milsean meer dan 100 euro per fles.  Dan is alleen de 25yo echt duur in mijn optiek, met een internetprijs van 390 euro; de andere drie zijn rond de 125 euro per fles. Nog steeds geen kattepis maar ook niet volslagen onbereikbaar. Als je nou gewoon een auto de deur uit doet heb je ze binnen een maand of drie, vier allemaal. Ik noem maar wat. Fietsen, kreng.



maandag 20 maart 2017

Highland Park 12yo, The Deveron 12yo.

Ik zie tot mijn schrik dat ik sinds januari niets meer heb gepost. Ik schaam me kapot - not. Er moet ook gewerkt worden om dat peperdure spul met enige regelmaat mee naar huis te kunnen slepen.
Gerelateerde afbeelding
Daarnaast is er veel zorg en tijd nodig om: 

1. Je partner te ontwijken als je weer met een, ondanks je belofte deze maand écht geen whisky meer te kopen, zojuist aangeschafte fles binnenkomt
2. Zorgvuldig onduidelijk te mompelen wanneer er vragen komen over de prijs van de desbetreffende fles, zodat het lijkt alsof je antwoord hebt gegeven zonder dat je écht antwoord hebt gegeven
3. subtiel maar doortastend kleine privé-proeverijtjes te organiseren, speciaal voor haar, wanneer er  ook maar enige belangstelling voor whisky waar te nemen valt
4. De voorkeur voor port van de betreffende partner zachtjes richting de port cask finished SM te masseren
5. Je kast zo in te richten dat onopvallend, dus gefaseerd, de nieuwe aankopen naar voren geschoven kunnen worden zonder argwaan (heb je nou víjf nieuwe flessen?) te wekken

Dus whisky kost meer dan geld.

Terzake nu.

The Deveron 12yo Highland Single Malt Scotch whisky

Deze SM heb ik gekocht omdat ik bij The Whisky Friend in Sittard te horen heb gekregen dat de 18yo van dezelfde familie ondergewaardeerde en te goedkope malt is. Daar ik een krent ben en eerst een beetje kennis wil maken met een meisje voordat ik een dure ring koop heb ik dus maar eerst de 12yo gekocht. Ik had mijn eigen aantekeningen van de proeverij in Eindhoven, september vorig jaar, even na moeten lezen - en moeten geloven. Ik schreef dat het weinig bijzonders was, niet slecht maar ook weinig opmerkelijk. Dat heb ik geweten aan de grote variatie aan samples die ik daar geproefd heb. Het advies van de lokale expert evenwel zette me aan tot heroverweging en de afprijzing bij Gall hielp me over de drempel. 
The Deveron 12 is de gemakkelijkste en meest toegankelijke, zachte en smoothe Single Malt die ik ooit dronk. Vanzelfsprekend is een enorm gebrek aan karakter en teleurstellend korte, snel vergeten afdronk bij deze eigenschappen inbegrepen. Kortom, snel vergeten - en dat is geeneens werk, dat gaat eigenlijk vanzelf. Koop 'm voor minder dan 3 tientjes voor een weifelende beginner en je bekeert wellicht iemand tot het betere spul. Ik beschouw mezelf als nét geen beginner meer en ik vind The Deveron zó saai, dat ik 'm in allerlei andere whisky's zit te blenden om het nog een beetje leuk te maken. 

Highland Park 12yo Orkney Single Malt Scotch whisky

Ik wilde deze whisky niet kopen.
Geërgerd door de hype rondom de 18yo, waarvan de prijs in nauwelijks een jaar van 70 naar 130 euro opliep - hoezo marketing, hoezo waan van de dag - was ik hardnekkig van plan om Highland Park links te laten liggen. 
Dus, consequent als ik ben, toen de 12yo in de aanbieding was, kocht ik een fles. Stevig voorzien van vooroordelen en hard van plan om hem verbaal te fileren in dit blog, zette ik mij aan het eerste glas. Dat kon dan ook alleen maar tegenvallen, dat had ik me immers voorgenomen.
Gelul is gratis. Het blijkt natuurlijk een lekkere, toegankelijke, verrassend aangename, fraai geturfde Orkney Scotch Single Malt te zijn. Vol, romig, boterig. Versgezaagd dennenhout. Barbecue en houtskool; vanille aroma met een licht zilte toets. Diepzoete afdronk, evenwichtig. Méér dan waar voor je geld. Ik wil er nog eentje. Als 'ie in de aanbieding is, dan.

dinsdag 17 januari 2017

Bring Your Own Bottle!! (BYOB, SMWG, 15 januari 2017, Wijchen)

Op Facebook - de opvolger van de Kerk, vooral de Katholieke - is er een community met zo'n 3800 leden. De oorspronkelijke naam, Single Malt Whisky Groep, is een jaartje geleden per order Facebook veranderd in SMWG. De uber-politiek correcte jongens en meisjes in Silicon Valley willen niet dat er in de naam van groepen gerefereerd wordt aan alcoholische dranken, namelijk. De UZI - en Kalashnikov gebruikersgroep hebben hun naam overigens niet hoeven wijzigen.

Maar goed. De SMWG organiseert soms wel eens wat. Deze keer - niet voor het eerst, wel mijn debuut - was er een soort open middag gepland in een gemeenschapshuis in Woezik, maar omdat niemand weet waar dat is, blijkt deze kern te zijn opgeslokt door de metropool Wijchen, nabij Nijmegen.
Zó nabij Nijmegen dat het huis van mijn vriend Stef, die ook langzaam maar zeker into the Whisky begint te komen, op loopafstand is. Deze gelegenheid konden wij dan ook niet laten passeren, vonden we. Men kon bij wijze van spreken kruipend naar huis - en je weet maar nooit, bij zo'n gelegenheid.

Vandaar dat we, ruim op tijd, binnenwandelden in zalencomplex Verploegen. Vriendelijke ontvangst, bon voor consumptie en de Dramburger - waarover later meer. Stevige hand, grote mannen, oud-mariniers, tatoeages en welvaartsbuiken - het feest kon beginnen. Twee vrouwen gezien. 
De opkomst was, vertelde men ons - immers eerste keer, BYOB-maagden - gering. Een man of 15. Ik vond het prima, hoewel ik me kan voorstellen dat de organisator, die er wat handel bij doet, liever wat meer mensen had zien opdagen. Ach ja, pas Kerst geweest, volgende keer beter. 

De opkomst mag dan beperkt zijn geweest, dat het bij de wél aanwezigen om puristen ging was duidelijk. Op de immer voller staande keuzetafel stonden niet meer dan twee Ieren en een blend hier en daar, het overgrote deel was Scotch Single Malt. Mijn Kavalan Concert Master, Port Cask Finish uit Taiwan, kon evenwel op een grote schare fans rekenen toen ik 'm even op tafel had staan - ik had, zoals menigeen, meer dan één fles bij me.

Er werd, tot mijn vreugde, verstandig gedronken. Een enkeling gleed uit - maar over het algemeen ging het echt om het proeven, ouwehoeren en vergelijken. Als whiskygroentjes werden we gewoon serieus genomen, de adviezen kwamen - vaak niet gehinderd door financiële terughoudendheid - van alle kanten. Het advies was gratis, de in het betreffende advies genoemde flessen niet. 
Dat mocht de pret evenwel niet drukken. Ik heb een kolossaal scala aan flessen voor mij zien staan en ernstig mijn best gedaan om er zo veel mogelijk verschillende te proeven - let wel, niet er zo veel mogelijk ván te proeven. 

Ik zit mijn aantekeningen te bekijken. Vijf velletjes volgekalkt. Kom ik zo bij. Het handschrift wordt minder naarmate de blaadjes elkaar opvolgen maar het blijft gelukkig wel leesbaar. De bodempjes in mijn glaasje waren dan ook bescheiden, hoewel ik heus niet ga lopen beweren dat ik volstrekt onaangeroerd door de alcohol was tegen het einde van de middag. 

Vooruit met de geit. Er was een kliekje McPhail 25yo Macallan Oak Matured waarvan niemand beloofde dat er wat van bewaard zou worden voor me - vandaar dat de eerste dram deze dure en zeldzame Highland SM was. En wát een begin. De geur is overweldigend, rijp, hout, niet zoet. In de smaak begint hij wat droog maar dan ontwikkelt zich rijp fruit - vijgen - en boenwas. Diepdonkere cacao en pure chocolade in de afdronk. Marsepein maar niet zoet. Topwhisky op 40%.

Glenmorangie is op dit moment mijn favoriete merk. Zachte zoete geprononceerde whisky's, de prijs alleszins acceptabel, veel keuze. De Glenmorangie "A Midwinter's Night" op 43%, ook Highlands, Oloroso en eiken gerijpt, kost ongeveer 50 euro - is een limited edition, dus verkrijgbaarheid inmiddels al twijfelachtig. Gebotteld in 2015, NAS. Kleur van sherry - caramel toegevoegd - geurt naar appel, stroop en melasse. Rond en zoet zonder te veel snoepsmaak. Super. Later schrijf ik op: wel érg zoet. Misschien toch té, deze - dat had ik lang geleden ook bij de Nectar d'Or.

Naar Speyside nu. Strathisla, gebotteld door Blackadder, 13 jaar oude 43% sterke SM. Ik vond 'm dun, grassig, de kleur is heel licht en dat vind ik van de hele dram. Ik moest denken aan de 12yo An Cnoc, die ook iets voorjaarsgroens heeft. Het zou zo maar een grain kunnen zijn - en dat is geen compliment. 

Benromach, Wood Finish, 8 YO Speyside SM. Ik krijg er nog verstand van. Pas toen ik 'm opzocht blijken mijn aantekeningen hout te snijden (ha ha, ook nog een woordspeling, het houdt niet op...). Ik schrijf op dat ik sterke houtinvloeden waarneem, een beetje bitterheid, misschien tanine, met een rode wijn/portaroma. Blijkt het spul in Bordeaux-vaten gerijpt te hebben. Was getekend Omvlee, connaisseur.

Van the Arran, afkomstig van het eiland met dezelfde naam, proefde ik hierna de 19 jaar oude Single Cask - Cask Strenght (53,4%) malt whisky. Hogshead 1052, om volledig te zijn. Non chillfiltered, non coloured. In de reuk ananas en banaan; de slok is sterk - wat wil je met bijna 54% - en scherp. Ontstellend lekker, schrijf ik op. Er zit een nieuwe smaak in de afdronk die ik niet kan beschrijven - nee, dáár heb je wat aan. Sherry in het kwadraat. 90 euro volgens de whiskybase; ik koop 'm voor dat geld zeker. Ik ben bang dat dat niet gaat gebeuren, het is een private cask, voor ene Ivo en Laura Rijnja in de fles gestopt. 

Weer een Highland dan maar. Tormore, nog nooit eerder gehad, 1995 - 20yo - 43% Signatory Vintage (cask 3877 en 3887). Natural colour, non-chillfiltered (NCF). In de reuk sinasappel en ananas. Veel power in de neus maar de smaak is (te?) zacht, weinig eerste indruk. Effe pauze, beetje water drinken. Tweede poging: veel meer sherry in de neus, ook de smaak is veel beter. Boter, romig, crème. Zou rond de 40 euro moeten kosten; voor dat geld een koopje. Staat voor 65 euro op de Marketplace - da's nou net te veel, volgens mij.

De volgende fles pakte ik om zijn vorm. Glenrothes, een vaak verkochte malt, heeft een herkenbare, bolle fles. De reviews zijn wisselend; de verschillen tussen de verkrijgbare flessen zijn onduidelijk - marketingtechnisch kunnen ze nog wel wat beter worden daar. Ik heb meermaals flessen in handen gehad die ik dan toch maar weer terug zette omdat me simpelweg niet heel duidelijk was wat ik nou precies kocht.
Mooi dan toch als er zo'n fles op een proeverij staat. Ik schonk een mooi bodempje in - de drank was opvallend donker, meestal een teken dat er  - bij jonge drank - caramel in gedonderd is. Op de fles stond echter non-coloured (NC) - oh? De geur was romig en zacht, bij 43% niet zo gek. De smaak was verpletterend. Koffie, steranijs, kardamom. Balans, evenwicht, alles precies goed! 
Nadere studie van het etiket leverde wat ontnuchterende feiten op, wat trouwens best even goed uitkwam. Deze Glenrothes Vintage 1985, gebotteld in 2005 en dus 20 jaar oud, kost volgens whiskybase 300 euro. Theoretisch; hij is niet meer "gewoon" te krijgen, dus zit in het bereik "wat de gek er voor geeft". De vintage flessen van enkele jaren later doen tussen de 250 en 600 euro. Het was, zoals u begrijpt, de meest populaire fles van de middag en wat mij betreft ook de whisky van de dag. Peter Ouwens, bedankt. 

Kilchoman. Alweer een debuut. De Winter Edition 2010, Islay NAS Single Malt, 46% NC/NCF. Gerijpt op Bourbon, waarschijnlijk maar 3 jaar - en één dag, zoals het hoort. Ruik: rook. Islay - dus rook. Citrus, niet verrassend, vaak bij peated whisky in de neus en de eerste dronk. Progressief zoeter en subtieler. Framboos? zoet met een klein zuur randje. Niks mis mee, maar ik rij nog niet om voor Islay's. 

We zijn er bijna. Ik sla de twee flesjes van het Whisky collectief, die Martin Stavleu bij zich had, een beetje over. Ze waren lekker - vooral de Bordeaux cask, wat een mooie kleur en wat góed geblend - maar ze zijn niet verkrijgbaar. 

Volgende. The Arran - opnieuw - maar nu de NAS Sauterness Cask Finish, op 50% gebotteld (ik heb de Madeira cask versie van deze). De geur heeft wat zwavel bij zich. Smaakt zachtzoet met een scherp randje, de Sauterness is in de smaak niet al te zoet of nadrukkelijk. Sinasappel. Deze wil ik ook wel; de serie is prima - ik heb de port cask ook eerder al geproefd en goed bevonden.

Op naar het buitenland. The Irishman, Small Batch Single Malt, gebotteld op 40% is een NAS. Er wordt gepocht dat het 2-wood is, dus gerijpt op twee verschillende soorten hout. Maakt niets uit; het is zachte, zoete, toegankelijke, non-offensive - dus Ierse - onpersoonlijke whisky. Niks mis mee, even snel weer vergeten.

Eindelijk. De Dramburger. Veel later had 'ie niet moeten komen, ik ging bijna van mijn graat. Prima burger met -  hoe kan het ook anders - whiskysaus. Voortreffelijke, krokante en knapperige pattaten erbij. En een glaasje Glenfarclas 105, op 60% (!) gebottelde NAS. Uitstekend, met notensmaak. Kan vast een druppeltje water hebben, denk ik zo. 

Als toetje - iemand zei dat hij lekker was - een blend. Angels Nectar Blended Peat - 46%, de Rich Peat versie. Te koop voor om en nabij de 45 euro - en dat is geen cent te veel. De peatgeur slaat meteen toe maar in de smaak is hij juist zoet en volgt de peat op de achtergrond  - de associatie met Longmorn Peated is een compliment. Deze is zeker de verrassing van de dag te noemen.

En toen was het wel goed geweest - hoewel ik nog een extra glaasje van de eerder beschreven Glenrothes niet afgeslagen heb. Het was een uiterst geslaagde middag, Stef en ik hebben er zeer van genoten.

Ik moet nog even vertellen over de terugweg. Er was - vanzelfsprekend - een taxi nodig om ons ter bestemming te krijgen. Die werd dan ook gebeld en enkele minuten buitenstaan later - wat geen straf was, een beetje alcohol uitwasemen was best fijn - stoof Taxi Tiny de straat in. In een nog glimmende en goed-onderhouden r-class (groot en lelijk, sorry Tiny) heeft deze platinablonde dame ons veilig naar huis vervoerd. Ietwat obese, meer dan ietwat doorrookt en in gezelschap van een los door de auto stuiterend hondje (gekregen van een aan longkanker overleden cliënte, weet ik inmiddels) heeft Tiny ons naar Dukenburg gebracht. Het hondje heette Taxi, trouwens. Heus.

Tot de volgende keer.




vrijdag 18 november 2016

Glenfarclas 21 year old Speyside Single Malt whisky


Van een nauwelijks inwisselbare cadeaubon - je moest echt zoeken waar je je geld mocht uitgeven - vond ik, na lang zoeken, uit dat er een kleine slijterij in Beek is die dat obscure type cadeaukaart accepteert. Eigenlijk meer een wijnhandel slash delicatessen-handel met olijfolie, azijn en diverse ingeblikte, opgepotte te duur aan de man gebrachte zuid-Europese specialiteiten - en wijn, veel wijn. Kleine kast met whisky. Dat ook.


Die cadeaubonnenmaffia, daar moesten ze nou eens wat aan doen, trouwens. Ik geloof oprecht dat je nooit meer hoeft te werken als je de geldwaarde van de nooit geïnde stapels aan waardebonnen, door aardige mensen aan andere aardige mensen gegeven, van één enkel jaar cash zou ontvangen. Pure kapitaalvernietiging voor de consument, gratis geld voor de begerige middenstand. Schurken zijn het. Waarschijnlijk dezelfde booswichten als de lui die Ticketmaster runnen. 

Maar goed, Maison d'Elfant in Beek, Limburg dus. Op een druilerige dinsdagochtend in januari van dit jaar ben ik er binnengewandeld, gewapend met mijn cadeaubon. Vastbesloten om niet op het bonnenkerkhof te eindigen had het betreffende stukje papier wekenlang opzichtig op het plankje in de woonkamer liggen flonkeren. 

De kast was klein, evenals de keuze - ik kwam immers niet voor de wijn. Ik lust geen wijn. Evenmin kwam ik voor gedroogde tomaten of voor olijfolie met literprijzen waar je schoenen van uitvallen. Kleine zakjes met bontgekleurde pasta in opmerkelijke vormen - ook al schandelijk geprijsd - konden me niet bekoren. Nee, whisky moest het zijn.

De meeste flessen die er stonden waren weinig opmerkelijke standaardbottelingen. Sommige een beetje, velen een stuk duurder dan de Gall-prijzen - en die zijn al niet echt laag. Er stond evenwel ook een 21-jarige tussen - u begrijpt het al, de fles op de afbeelding hierboven. Door de cadeaubon hoefde ik maar 21 euro bij te leggen op de vraagprijs van 71 euro. Dat bleek later ook nog een verdomd mooie prijs te zijn, ik heb de Glenfarclas 21 yo niet meer gezien voor 71 euro.

Ik heb een stuk of wat whisky's die ik boven mijn niveau acht. Ik sprak in een eerder blog al over de Kavalan Solist, mijn Taiwanese vriend van 57,8% die ik van de Intensive Care als afscheidspresentje kreeg. Die is weliswaar open maar ik heb er nog nooit een heel glas van gedronken - en ik werk al bijna twee jaar op een andere afdeling.  
Nog zo'n zware jongen: Aberlour A'Bunadh. Batch 53, CS (Cask Strength, vatsterkte - 59,6% dus). Gekocht januari 2016, nog potdicht. Inmiddels wel geproefd, was lekker - voor wat die conclusie waard is na een uitgebreide proeverij in Haarlem. 

Die Glenfarclas vond ik dan ook nogal intimiderend. Na slechts twéé jaar whisky ontdekken de euvele moed hebben om iets te vinden van wat écht gerijpte whisky is, dat is hoogmoed, arrogantie en borderline respectloos. Vandaar dat die fles ook een poos ongeopend dreigend naar me heeft staan kijken. Ik hoor 'm denken: "wie denk je dat je bent?"

Halverwege het jaar echter heb ik besloten dat ik toch langzaam aan volwassen moet worden en daar hoort dan bij dat je zielloze objecten geen magische eigenschappen toedicht. Tenslotte zou ik 50 jaar oud worden. Dat zou dan ook een prima gelegenheid zijn om de Speyside Whisky uit Ballindalloch te slachten. Ballindalloch - veel Schotser kun je het niet krijgen. Trouwens geen 15 kilometer van Aberlour, het dorp, verwijderd.

Het was druk op mijn verjaarsfeestje. Ik was nog bijna vergeten de 21-jarige dochter van de Highlands te ontkurken. Het gebeurde dan ook wat terloops, buiten, met wat snel ingeschonken bodempjes voor enkele liefhebbers en een glaasje voor mezelf. De rest van de fles werd overgeheveld naar de buitengewoon fraaie karaf die ik cadeau had gekregen. 

Het slokje dat ik tussen het handen schudden en vuurtje stoken nam was dan ook in het voorbijgaan. Mevrouw Glenfarclas - deze is een meisje, dat is wel zeker - liet het er niet bij zitten. Ze wilde aandacht, en wel nú! 
Wat een fraai, afgerond en evenwichtig glas whisky. Géén pretentie - geen harde smaak, scherpe randjes, rook of vuur. Geen hoge alcohol-percentages, geen flitsende openklapverpakking, geen limited edition, geen bespottelijke prijs-kwaliteitverhouding. Wel een boterzachte, gladde en gelaagde whisky die je bij al te ongeïnteresseerde consumptie tot de orde roept. Ook ik werd, op mijn eigen verjaardag, in mijn eigen tuin, op mijn eigen feestje, door deze dame vriendelijk maar beslist op mijn plaats gezet. Ik nam even een nipje in het voorbijgaan. Prompt wist ik even niet meer wat ik ging doen, moest ik stoppen met lopen en even tot me door laten dringen wat voor smaakfeestje ik geopend had. Blonde Limburgse man, middelbaar: kan maar één ding tegelijk. Proeven dus in dit geval.

Nou ja, het was lekker, dus. 



zaterdag 29 oktober 2016

Vakantieproeverij - Liquid Gold, Haarlem - Single Cask Tasting

Het begint langzaam uit de hand te lopen. Tegenwoordig google ik de plek waar ik moet zijn. Zodra ik een idee heb van waar we op vakantie gaan, een lang weekend doorbrengen, een tweedaags symposium is of ik per ongeluk even moet zijn om les te geven is Google mijn vriend. Ik ben echter niet op zoek naar aanvullende informatie over de geschiedenis van het te bezoeken oord. Evenmin is de gemeentepolitiek, de agenda van de lokale sportverenigingen of de plaatselijke parkeerverordening aanleiding voor mijn zoektocht. De markt- en kermisagenda is niet mijn punt van belangstelling. De tijdelijke verkeersmaatregelen en - omleidingen in verband met verbetering van de doorstroming en veiligheid van een bepaald kruispunt zijn ook al niet het doel van mijn speurwerk.


Nee. Ik ben op zoek naar whisky speciaalzaken. Ik zoek lokale slijterijen, drankhandelaren van het oude stempel die verstand van hun borrels hebben en de daarbij behorende hogere prijzen vragen - hoger dan de internet drankstunters, om maar eens iets te noemen (met bijpassende namen als Drankdozijn en Drankgigant - echt waar).



Zo vond ik in Breda aan de Haagse Markt Le Barrique; in een prachtig oud pand een beetje rommelige retailer die vooral -maar niet alleen- whisky verkocht. Ik schafte er, op advies van de verkoper, Longmorn aan. Uit de serie "Exclusive Range", een Speyside single cask - dus uit één vat, een in 2015 op 50% gebottelde Single Malt uit 2007. Voor de rekenwonderen onder u: zo om en nabij de 8 jaar oud. Fles 1 van 349. 

Ik moet de meneer van Le Barrique erg dankbaar zijn. En ik heb spijt. Ik had minstens 2 flessen moeten kopen; beter 3. Twee om zelf op te drinken - de aangekochte fles is bijna leeg - en ééntje om te bewaren; het is absolute topwhisky. Ik betaalde 49,95 voor een fles, nog maar een dik half jaar geleden, maart 2016; voor resterende flessen wordt het dubbele al geboden op Catawiki. En terecht. 
Overigens heeft hij me op een andere manier ook nog blij gemaakt. Onder de toonbank. Toen er geen andere klanten in de winkel waren. Eigenlijk zouden we er niet meer over praten. 
Ik kreeg een sample van de Millstone PX (first fill) Single Cask 2008, 54,2% (!) whisky mee. Millstone is, zoals u weet, een Nederlandse whiskyproducent die de voortreffelijke 6yo Single Malt heeft gemaakt die in mijn kast staat. Onze vriend Murray van de Whisky Bible gaf voor die SM 92,5 punten, wat verschrikkelijk goed is. 
PX betekent dat die buitengewone whisky een deel van zijn  leef-tijd heeft doorgebracht in Pedro Ximinez (jawel, PX) sherryvaten. Over het algemeen is dat een voortreffelijk idee; het levert heerlijke amberkleurige zoete whisky's op met een lange afdronk. 
Zo niet echter bij Millstone. Al is de drank non-chillfiltered en niet gekleurd met caramel om de kleur te pimpen; het blijft een heel matig drankje dat véél te veel geld kost. Bitter is het woord dat vooral is blijven hangen.


Van het publiek bij de whisky-tasting waar ik vanavond was - waarover later meer -  kende van de mensen om mijn tafel eigenlijk niemand Kavalan. De grote getatoeëerde meneer met imposante baard en brede schouders die de maître van de Whisky Corner in Houthalen, België is, zal dat worst wezen. Nou geloof ik dat bijna alles de meneer van de Whisky Corner in Houthalen worst zal wezen. Ten eerste straalt hij nadrukkelijk uit dat het hem worst zal wezen. Ten tweede heeft hij een dermate kapitale collectie whisky doodleuk in zijn winkel staan - flessen van 1600 euro in triplo, en dan hele rekken vol van 1000+ euro bottelingen (en ja, dat is per fles) - dat het hem waarschijnlijk ook volledig worst kán wezen. Met zo'n voorraad ben je binnen, dan is het alleen nog maar een uit de hand gelopen hobby. 

Ten derde denk ik dat hij als heropvoeder van ontspoorde Hell's Angels leden een goede boterham zou kunnen verdienen - en dan zouden die mannen huílen!


Dat soort mannen geeft de onschuldig de whiskywereld binnenwandelende Limburgse sukkels - zoals ik-  ineens een nieuw perspectief. Ik ging er heen, echt waar, omdat ik ingeschreven had voor de verkeerde tasting. Ik was nog maar net aan mijn nieuwe hobby begonnen; wist ik veel. Ik schreef dus via het interweb in op een tasting bij de Whisky Corner (Houthalen, Geel, België, 40 minuten met de auto) in de veronderstelling dat het de Whisky Friend (Haspelse Straat, Sittard, 5 minuten met de fiets) was. 

Tattoo Bob, de i-dont-give-a-shit baas in Houthalen,  was zo vriendelijk om me mijn gepruts te vergeven en het al overgemaakte inschrijfgeld te zien als aanbetaling op mijn eerste aanschaf. 
Ik kocht dus, bij zijn Whisky Corner, enkele dagen later, op weg naar Tienen - waar een héél ander blog over gaat - een Balblair '03. Nooit van gehoord, mooie verpakking, op dringend advies van hetzalmeworstweze.


Inmiddels anderhalf jaar verder is die Balblair een lichtend voorbeeld van de zachte, zoete, toegankelijke single malts die me definitief tot fan van whisky hebben bekeerd. Friszoete zachte Scotch - ondanks 46% - citrus en fruitaroma's, vanille uit Amerikaans eikenhout - gerijpt op second fill bourbon casks, één keer eerder gebruikt om die verderfelijke Amerikaanse WhiskEy op te laten rijpen. Appel, subtiel, zoet zonder té zoet, scherp en knisperig, later amandel en chocolade-aroma's. Geen flauwekul dus. 



Terug naar onze BillyBob, the hairy tattoo whisky guy (HTWG vanaf hier). Hij gaf ons - Lilian was deelgenoot van deze ervaring - grootmoedig een klein slokje van een whisky die we anders nooit hadden leren kennen: de Kavalan Solist. Die kost, voor de duidelijkheid, 150 euro per fles.



Is dat alles? Nee, maar wel al veel. Kavalan is Taiwanees. In dat subtropisch  klimaat rijpt whisky aanzienlijk sneller dan in het koude kille Schotland - vandaar dat alle Kavalan NAS (Non-Age-Specific) is. Whisky die in de tropen 4 jaar rijpt is vaak vergelijkbaar met erg goede 16 jaar oude Schotse Single Malt, aldus HTWG. Hij gaf ons een drupje van de Cask Strenght (57,9%) Kavalan Solist (Sherry Cask Matured) Whisky. Het zag eruit als traag stromend dropwater. Bijna zwarte drank, wat je verwacht als je een oud auto-onderdeel een nachtje in de cola hebt laten staan. 58 procent dus je verwacht dat je tong in de fik vliegt. EN die Kavalan Solist liet een verpletterende indruk achter, kan ik u vertellen. We proefden, waren het er over eens dat dit heel bijzonder was en gingen ons weegs, op naar Tienen. Om in het uur dat daarna volgde herhaaldelijk op te merken dat we het probeersel nog steeds proefden. En nog steeds. En nieuwe aroma's bij het nasmaakje te ontdekken waren. 

Vandaar ook dat ik toen al de duurste whisky die ik tot nu toe kocht, als afscheidscadeau heb gevraagd aan mijn toenmalige afdeling. Hij staat in de kast, aangebroken maar nog zo goed als vol. Ik ben er nog niet klaar voor. 

Nou komen we langzaam ergens. Maar waar?  O ja, ik was op zoek naar vakhandel. Ik zocht dus ook, op weg naar Haarlem, of daar niet een interessante whiskyboer zit. Nou, die zit er. Aan de Koningsweg 33 zit Liquid Gold - een wat oubollige naam, dat wel - dapper de wacht te houden over zo'n 800 verschillende whisky's en whiskey's. Kitty (Kit voor vrienden) en Dirk, zo heet het dagelijks bestuur. Gastvrij, hartelijk en geïnteresseerd in hun gasten; vriendelijk en kordaat. Hollanders. Je zou nog aan ze gaan wennen. Op hun website werd een proeverij aangekondigd, op vrijdag 28 oktober. Nou zitten dat soort proeverijen altijd bomvol dus ik verwachtte het antwoord dat ik kreeg toen ik op donderdag belde...); nee, helaas, uitverkocht. We bellen als er een plekje vrijkomt.

En ze belden. En er was geeneens een plekje vrijgekomen; er werd een extra stoel aangeschoven voor de late Limburger. 


Dus ik was ruim op tijd, zoals u zich kunt voorstellen. Van verbazing en weeromstuit vergeten mijn  fiets op slot te zetten om half acht, om half elf stond het ding er gewoon nog. Ik kan wel wennen aan Haarlem. Een mooie knusse zaak, kolossale variatie aan whisky en een goed voorbereide tasting.

De halve voorraad van The Ultimate, de botteling serie van de firma Van Wees, kwam voorbij. Het thema was Single Cask. Ik had mijn huiswerk gedaan en de voorspelde whisky's opgezocht. Hieronder mijn tasting notes.

1. Dailuaine 7yo Speyside SM 2008 (Cask 800013) - 46%, rond de 50 euro.
Citrus aroma meteen in de neus, limoen - die in de smaak goed aanwezig blijft. Lichte, friszure whisky met vrij zwakke kruiden-aroma's. Opnieuw licht, zoet fruit. Vaag associatie met ouderwetse zuurtjes. Conclusie: lekkere lichtgewicht. Te duur.

2. Mortlach 7yo Speyside (Dufftown) SM 2008 (Cask 800014) - 46%, rond de 40 euro.
In de geur een klein beetje rook. Kruidige aroma''s van hooi en gras, passend bij jonge whisky. In de smaak meer rook - kortdurend en zekere niet overheersend of storend, eerder een subtiele hint. Smaakt "hartiger" dan de geur doet vermoeden. Dan volgt honing- dan peperige afdronk. Later, in de nasmaak, caramel. Uitstekende whisky die veel beter is dan zijn leeftijd doet vermoeden.

3. Clynelish 7yo Northern Highlands SM 2008 (Bourbon Hogshead 800054) rond de 40 euro.
Geur van citrus en verf. Was. In de smaak kruidig en heel subtiel fruit. Lekkere whisky die veel aandacht vraagt. Zou een zout randje hebben - maar dat kan ik in ieder geval niet vinden. 

4. Benrinnes 19yo Speyside SM 1997 (Hogshead vat 2137), te koop voor 65 euro.
Indrukwekkend in zowel geur als smaak, complex, bijna driedimensionale vanille-aroma's. Beetje thijm. Later mossig-natte geur, in de verte munt. Subtiel. Topspul. Zijn prijs waard. Schitterende sherry-cask finish whisky. 

5. Edradour 9yo Highlands SM 2006 (Sherry But 600l) single cask - te koop voor 79,50.
Ruikt krachtig en geconcentreerd. Associaties met Amrut. Zoet, snoep. Mooie complexe geur, drop? Dikke melassesmaak, associatie met Kavalan. Lekker - maar duur. Kitty begrijpt mijn Kavalan associatie - is zelf geen fan van de Taiwanees - want bitter, volgens haar.

6. Ballechin 11yo (Edradour) Highlands SM 2004 (Bourbon Barrel 168) - te koop voor 60 euro
Rook, vuur, turf. Niet penetrant evenwel. In de geur al kersen. Beetje jodium? In de smaak ook meteen veel turf. Te veel voor mij, op dit moment. Al in de tweede slok neemt de peat af; het wordt geleidelijk aan milder. Warme, aangename afdronk. Lange nasmaak, voor een peated whisky zeker niet onaangenaam. Ik deel echter het collectieve enthousiasme niet; de Mortlach en Benrinnes hebben meer indruk op me gemaakt.

Ik kocht uiteindelijk BenRiach 15yo Port Cask finish - daar ben ik de laatste tijd veel mee bezig - en de Nummer 2: Mortlach 7yo. Heb achteraf wellicht wat spijt dat ik de 19yo Benrinnes niet als investeringswhisky gekocht heb. 

Daags erna, in restaurant Dijkers aan de Warmoesstraat in Haarlem - na een middag zeer genoeglijk winkelen, Haarlem is een absolute aanrader - nam ik als voorafje een glas Balvenie 12yo Double Wood, de instapper van dat merk. Regelmatig zie ik deze whisky voorbij komen voor minder dan 40 euro en ik heb al een paar keer staan twijfelen over de aanschaf. Ik twijfel niet meer. De zaterdaghulp van Dijkers begon met de vraag of ik mijn whisky op ijs wilde - ik heb haar vriendelijk terug gevraagd of ze dat ook aan wijndrinkers vraagt. Nee dus. Ik kreeg vervolgens een geslepen, zware tumbler - een rotglas wat mij betreft - met daarin evenwel een onbehoorlijke portie Balvenie. En wát een whisky is dat. Mild, vriendelijk, niet te zoet, langdurige honing- en bloemenenaroma's, wat fruit - appel en kers. Zachte vanillesmaak hangt lang na. Balvenie is niet goedkoop maar deze 12yo Doublewood is een koopje.